Twee kanten van dezelfde medaille 

Onlangs waren we op rondreis door Mexico, afgezien van de brute, drugsgerela-eerde moordpartijen is het een schitterend land. 
We toerden rond in een comfortabele auto, verbleven in exotische posada’s aan poederwitte stranden en raakten diep onder de 
indruk van de restanten van een glorieus Maya verleden. Ons gezelschap bestond uit vijf personen, Nederlandse familieleden en wijzelf. 
De Hollandse tak had deze trip geheel door een Hollandse reisorganisatie laten samenstellen zodat we een flinke stapel papieren ter 
beschikking hadden die in elke voorkomende situatie een antwoord zou kunnen bieden. Wij reden echter in de tegengestelde richting
van de gebruikelijke reis zodat de aanwijzingen om bij het volgende hotel te komen vaak precies andersom gelezen dienden te worden. 
In de kleinere plaatsten ging dat altijd goed, het werd lastiger in een grotere stad met al het eenrichtingsverkeer. 
Op de meeste straathoeken staat in Mexico dan gelukkig wel een pijl geschilderd of je er juist wel of juist niet in mag rijden. 

Zo dwaalden we ook door Villahermosa, was links echt links of zouden we toch rechts moeten lezen ? Er was veel verkeer, 
drie rijen naast elkaar, de weg leidde naar een grote rotonde vlak bij het water en vlak bij het hotel volgens ons kaartje. 
Toch maar naar rechts was de consensus in de auto. We schoten een klein, rustig straatje in en zetten de auto even aan 
de kant om de kaart te bestuderen. Voor we konden opmaken of we goed zaten werd er op het raampje geklopt: een 
jonge, ijverige diender. Met een van plichtsbesef doordrongen gezicht vertelde hij ons dat we tegen de rijrichting de straat 
waren ingereden, dat mocht niet. Hij vroeg om de papieren, rijbewijs, paspoort, huurcontract van de auto. Uiteraard gingen 
wij niet meteen over stag. Hoe moesten we weten dat we van deze kant de straat niet inmochten ? De pijl, die hadden we 
moeten zien, was zijn triomfantelijke anwoord terwijl hij al een bekeuring begon te schrijven. Welke pijl, vroegen wij heel onnozel. 
Samen liepen we naar de straathoek, zijn gezicht betrok, er was geen pijl te bekennen. Desalnietemin greep hij weer naar zijn bonnenboekje. 
We ondernamen nog een poging, hoe moeten wij weten dat het eenrichting verkeer is als er geen pijl staat ? We zijn voor de eerste keer
in deze stad. Er kwam enige aarzeling in de jonge ogen. De eerste de beste voorbijganger werd aangeklampt, stond daar niet een pijl ? 
De man trok zijn schouders op, volgens hem had er nooit een pijl gestaan maar zeker wist hij dat ook niet. De vertegenwoordiger van 
Hermandad stond in dubio. Werd hier zijn autoriteit ondermijnd of moest hij blijk geven van redelijkheid ?

We adviseerden hem het voorval aan zijn chef voor te leggen, die zou het misschien wel met ons eens zijn dat een bekeuring niet op 
zijn plaats was gezien het ontbreken van de pijl en onze onbekendheid met zijn stad. Die ontsnappingsmogelijkheid greep de jongen 
met beide handen aan, dan lag het besluit niet langer bij hem. Zoals we hoopten en verwachtten was de chef een redelijk mens en
mochten we, na nog een waarschuwing met onze papieren omkeren. We kregen zelfs nog aanwijzingen hoe we zonder verdere 
overtredingen bij ons hotel konden komen. 

Tijdens de volgende route reden we over een smalle kustweg, een soort dam eigenlijk, richting Campeche. Er was weinig verkeer, 
de zon scheen en we genoten van de over het water scherende vogels. Ergens halverwege zagen we in de verte een opstopping. 
Er kwamen geen auto’s van de andere kant ook. Vast een groot ongeluk !? Toen we dichterbij kwamen ontwaarden we auto’s 
die kris kras in de berm geparkeerd stonden, er was een heen en weer geloop van mensen die allemaal met dozen en pakken
sjouwden. Sommige van die gammele wagentjes waren al tot de nok gevuld met potjes mayonaise of zakjes aanmaaklimonade. 
Een vrouw schopte haar schoenen uit zodat ze harder kon rennen. Door de vrachtwagen voor ons werd het zicht benomen op 
dat wat die mensen tot deze koortsachtige activiteit aanzette. Er was echter weinig verbeelding en een vraag aan iemand daarbuiten 
voor nodig om te weten dat een gekantelde vrachtwagen vol levensmiddelen deze mensen een buitenkansje bood om wat handels- 
en eetwaar bijeen te sprokkelen. Even later kwam er, dankzij de inzet van het leger, beweging in de stoet auto’s. Voetje voor voetje 
kwamen we vooruit tot aan de plek waar de onfortuinlijke vrachtwagen op zijn zij lag. En wat schetste onze verbazing? Pal naast het 
voertuig stonden twee politiewagens waartegen wel zes agenten geleund stonden die het tafereel welwillend aanschouwden. 
Hier werd openlijk proletarisch gewinkeld maar de bonnenboekjes van de agenten bleven vandaag op zak. Zouden ze niet opgewassen 
zijn tegen de massale aanwezigheid van al die gelukszoekers ? Hoe zou hun optreden zijn geweest als het niet simpele levensmidddelen 
maar plasmaschermen of computers betrof ?

Vragen, vragen, vragen. Met een handgebaar werden we verder gewuifd. Toen ik nog eens goed naar die politiewagens keek hingen 
die trouwens wel erg diep door.

Viva Mexico, viva la policía.
 

Trees van Herpen

Terug naar de index